Hoe bekleed ik traptreden of een trap correct met rubberplaten?
Een trap bestaat uit meerdere treden, waarbij elke trede bestaat uit een treep – het horizontale, begaanbare gedeelte – en een opstap – het verticale element. Bij open trappen ontbreekt de opstap. Welke WARCO-trapbekleding het meest geschikt is, hangt af van het type trap:
- Bij traplopen zonder opstap en met een glad oppervlak is vaak een dunne bekleding ideaal.
- Bij treden met een roestvrijstalen rooster moet de bekleding dik genoeg zijn (minimaal 30 mm) om veilig op het rooster te liggen.
- Bij oneffen treden (bijvoorbeeld van gewassen beton) of bij buitentoepassingen dient een waterdoorlatende bekleding gekozen te worden.
Zowel de treep als de opstap kunnen met WARCO-trapbekleding afgewerkt worden. De bekleding wordt trede voor trede aangebracht: eerst wordt de onderste treep bekleed, daarna de aangrenzende opstap, vervolgens de volgende treep, enzovoort. De bekleding van de treep sluit naadloos aan op die van de onderliggende opstap. De voorkant van de treep wordt beschermd tegen overmatige slijtage door een aangebracht trapprofiel van metaal of kunststof, dat tevens de zaagsnede van de bekleding verbergt.
De trapbekleding, vervaardigd uit rubbergranulaatplaten, wordt naar behoefte op maat gesneden en op de daarvoor bestemde plaats vastgekleefd. De WARCO-trapbekleding wordt uitsluitend verlijmd, niet geschroefd of genageld.